|
Uyt den ouden doosch
In deze editie o.a. een artikel uit de allereerste VnV van 1949. Het was in navolging van een vooroorlogse periodiek, dat besloten werd tot het uitgeven van een periodiek voor de gehele Marine verbindingsdienst. Voor de 2e Wereldoorlog had de Marine Radiodienst ook een periodiek in de vorm van het “Marine Radio-bulletin”. Hierin werden echter onderwerpen behandeld, welke alleen met de radiotechniek te maken hadden. Na de 2e Wereldoorlog werd het initiatief genomen om voor de hele Marine verbindingsdienst te publiceren. Leest u maar.
DOEL EN STREVENVan VLAG en VONK
Deze eerste aflevering van “VLAG en VONK” het periodiek voor en van de Verbindingsdienst zal vele oudere telegrafisten doen denken aan het “Radio-bulletin” dat de Marine Radiodienst voor de 2e wereldoorlog uitgaf. Dat Marine Radio-bulletin van destijds “Viel er goed in”, daar het trachtte het radiopersoneel op de hoogte te houden met de vooruitgang in de radio-techniek. Velen onder ons zijn dan ook nog steeds in het bezit van de enkele afleveringen die dat bulletin nog mocht beleven voor dat de “grote strijd” losbarstte. Deze grote strijd ligt thans al weer enige jaren achter ons. De techniek heeft intussen zo’n geweldige sprong genomen dat we de grootte daarvan nauwelijks kunnen omvatten. We denken hierbij b.v. aan radar, televisie, frequentiemodulatie, radionavigatie als Decca, Loran, Gee, etc., radiobesturing, electronenmicroscoop, iconoscoop, spectroscoop, etc. etc. Vele malen werd dan ook aan een voortzetting van het Marine Radio-bulletin gedacht, doch personeel, materieel en tijd lieten dit niet toe en eerlijk gezegd ook thans eigenlijk nog niet. Met wat opoffering van vrije tijd en goede wil van deze en gene zal het echter toch wel mogelijk zijn regelmatig een uitgave van “Vlag en Vonk” te doen verschijnen. Waarom nu die naamsverandering van Marine Radio-bulletin in Vlag en Vonk zult ge U afvragen. De naam Verbindingsschool, welke de opleiding tot verbindingsofficier, telegrafist, seiner, codeur en telexist(e) omvat, geeft U reeds het antwoord. Het is niet meer alleen de telegrafist die belang heeft in een periodiek uitgave zijn vak betreffende, doch ook de codeur en de seiner. En zover de te behandelen stof voor seiner en codeur niet van geclassificeerde aard is kunnen ook artikelen van hen betreffende in Vlag en Vonk worden opgenomen. Dus dan ook periodiek uitgave voor en van de Verbindingsdienst. Wat de telegrafisten betreft, hiervoor is zeer veel stof te behandelen, zoals reeds hierboven is aangehaald. Er zijn echter ook zeer veel praktijkervaringen met zender en ontvangers in de loop der tijd door het radiopersoneel opgedaan en waar we, als we deze ervaring niet aan anderen kunnen mededelen, alleen maar zelf voordeel van hebben. Het doel en streven van dit periodiek is dan ook het onderlinge contact tussen het Verbindingspersoneel te verbeteren door zich beschikbaar te stellen de ervaringen van de ene mede te delen aan de anderen.
Van hoog tot laag wordt dan ook
het Verbindingspersoneel verzocht niet te schromen artikelen ter
voorlichting aan derden aan de redactie van Vlag en Vonk
Verbindingsschool Kon.Marine te Amsterdam aan te bieden ter opneming in
een der volgende uitgaven. Vooral het jongere personeel moet zich niet
door valse schaamte laten weerhouden hun ondervindingen en ervaringen
c.q. hun moeilijkheden, de techniek van het vak betreffende, aan de
redactie mede te delen. Mogelijk hebben Uw
vrienden elders dezelfde
moeilijkheden en kunnen zij van Uw ervaringen, medegedeeld in dit blad,
gebruik maken. Op deze wijze We zullen trachten de technische onderwerpen zo populair mogelijk te behandelen, zodat technisch-wiskundige knobbels om op de hoogte met de moderne apparaten te komen niet direct noodzakelijk zijn. We kunnen rustig stellen dat de toenmalige strekking niet zo veel verschilt met onze huidige Vlag en Vonk. Wel is er in de huidige vorm wat minder aandacht voor technische aspecten. Niet onbegrijpelijk als we bedenken dat men in vroeger tijden veel zwaarder moest leunen op de eigen technische capaciteiten. Misschien dat we toch wat meer technische onderwerpen kunnen inbrengen met uw hulp. Daarom roepen we ook de specialisten c.q. hobbyisten onder ons op om eens wat over hun technische hobby’s te schrijven. Ik weet zeker dat onder onze collega’s mensen zijn met een knobbel.(red.) Schaam je niet en doe eens een poging om ons te verbazen. |
|
Hieronder volgt nog een bijdrage van Ronald Teesselink. Hij had nog wat oude plaatjes van Hr.Ms. Zeeleeuw uit het jaar 1962.
Radiohut Hr.Ms. Zeeleeuw 1962.
De Onderzeeboot behoorde tot de zogenaamde Guppy-class. Het was de ex-USS Hawkbill - SS-366. Op bovenstaande foto is de Telegrafist van de wacht bezig met het afstemmen van de Murphy B40/41 HF/MF ontvanger op een frequentie van Noordwijkradio/PBC. Rechtsboven ziet u het antenneschakelpaneel.
Op dit type onderzeeboot was de verbindingsdienst als volgt samengesteld: SGTTLG, KPLTLG, TLG 1 en TLG 2. Als zendapparatuur had men de beschikking over een TBL-200 Watts en een TCS-40 Watts. Als radioantenne werd bij snuivervaart de beweegbare whip gebruikt; een sprietantenne bevestigd aan de snuivermast. Als de boot vlak onder de oppervlakte voer en de snuiver voor de benodigde lucht voor de motoren zorgde, kon men ook gebruik maken van deze antenne. Op zeer geringe diepte was nog VLF ontvangst mogelijk, b.v. Rugbyradio/GBR. Daarnaast waren er nog verbindingsgerichte neventaken uit te voeren zoals codeur, paai Openbaar Verkeer (Scheveningenradio telegrammen) en het fakteurschap waren in zijn takenpakket opgenomen.
|